Militieregisters - Keuringseisen 1871 aangepast in 1878

Op 10 maart 1878 is Koninklijk besluit nummer 16 uitgevaardigd met daarin een wijziging in het reglement op het geneeskundig onderzoek omtrent de geschiktheid voor de militaire dienst, zoals dat was vastgesteld bij Koninklijk besluit van 3 maart 1871.



(No. 16.) BESLUIT van den 10den Maart 1878, tot wijziging van art. 9 van het reglement op het geneeskundig onderzoek omtrent de geschiktheid voor de dienst bij de zee- en landmagt, vastgesteld bij Koninklijk besluit van 3 maart 1871 (Staatsblad n°. 9).

WIJ WILLEM III, BIJ DE GRATIE GODS, KONING DER NEDERLANDEN, PRINS VAN ORANJE-NASSAU, GROOT-HERTOG VAN LUXEMBURG, ENZ., ENZ., ENZ.

Op de gemeenschappelijke voordragt van Onze Ministers van Oorlog, van Marine en van Binnenlandsche Zaken, van den 15den Januarij 1878, n°. 37P, 19 Januarij 1878, litt. B, n°. 22, en van 24 Janauarij 1878, n°. 13, Militie en Schutterijen;

Gezien Ons besluit van den 3den Maart 1871 (Staatsblad n°.9), houdende vaststelling van een nieuw reglement op het geneeskundig onderzoek omtrent de krijgsdienst te land en te water;

Overwegende, dat het noodzakelijk is artikel 9 van bedoeld reglement te wijzigen;

Den Raad van State gehoord (advies van den 22sten Februarij 1878, n°.22);

Gelet op het nader gemeenschappelijke rapport van Onze Ministers van Oorlog, van Marine en van Binnenlandsche Zaken, van den 28sten Februarij 1878, n°. 61P, van den 4den Maart 1878, litt. B, n°.6, en van 6 Maart 1878, litt. K, afdeeling Militie en Schutterijen;

Hebben goedgevonden en verstaan:

1°. De vierde en vijfde zinsneden van artikel 9 van voormeld reglement worden gelezen als volgt:

Vierde zinsnede.

"In doch niet door de dienst ontstaan zijn alle gebreken, verkregen door eigen toedoen, bijv. ten gevolge van dronkenschap, syphilis, vechtpartijen (wanneer de persoon niet diensthalve daarbij tegenwoordig moest zijn), zelfverminking, poging tot zelfmoord of tot ontvlugten van provoosten, kazernen, hospitalen en schepen, zoomede die gebreken welke, ofschoon tijdens het in dienst zijn van den schepeling of militair buiten diens schuld of opzet verkregen, echter niet kunnen worden begrepen onder die in de volgende zinsnede bedoeld."

Vijfde zinsnede.

"Door de dienst ontstaan zijn alle verwondingen of verminkingen in den strijd bekomen of veroorzaakt door gevorderderde of militaire diensten, zoomede alle ziels- of ligchaamsgebreken, welke het gevolg zijn van omstandigheden, verrigtingen en vermoeijenissen, aan de uitoefening van de militaire dienst verbonden.

2°. Dit besluit treedt in werking op den vijfden dag na de dagteekening van het Staatsblad en de Staatscourant, waarin het geplaatst is.

Onze Ministers van Oorlog, van Marine en van Binnenlandsche Zaken zijn, ieder voor zooveel hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit, dat in het Staatsblad en gelijktijdig in de Staatscourant zal worden geplaatst.

's Gravenhage, den 10den Maart 1878.

WILLEM

De Minister van Oorlog,
DE ROO VAN ALDERWERELT
De Minister van Marine,
H. O. WICHERS
De Minister van Binnenlandsche Zaken,
KAPPEYNE

Uitgegeven den een en twintigsten Maart 1878.
De Minister van Justitie
H.J. SMIDT.



Bron:

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1878, 01-01-1878. Geraadpleegd op Delpher op 19-12-2017.
Direct naar Staatsblad 16 met het betreffende Koninklijk besluit.

HIER EINDIGEN



Deze pagina is voor het laatst gewijzigd op: 24 December 2017.