Militieregisters - Keuringseisen van 1883

Met het Koninklijk besluit 151 van 2 november 1883 zijn het gehele reglement van keuringseisen van 1871 en de aanvullingen daarop van 1878 en 1881 herzien. De nieuwe regels voor het geneeskundig onderzoek zijn gelijk vastgesteld voor de diverse groepen van strijdkrachten, zoals de vrijwilligers voor de Zee- en Landmacht, de Nationale Militie en de Schutterijen. Dit is beschreven in een uitgebreid overzicht welke bij het Koninklijk besluit was gevoegd.

Vanwege de lengte van de teksten is dat op deze website in een aantal onderdelen gesplitst:

  • de tekst van het Koninklijk besluit zelf (hieronder op deze pagina)
  • Reglement A omtrent de geschiktheid voor de vrijwillige dienst bij zee- en landmacht
  • Reglement B omtrent de geschiktheid van dienstplichtigen, vrijwilligers etc. voor de Nationale Militie
  • Reglement C omtrent de geschiktheid voor de dienst bij de Schutterijen

Over het algemeen zal voor (eventuele) informatie over de geschiktheid van militaire voorouders gebruik gemaakt moeten worden van de informatie in Staat B.



(No. 151) BESLUIT van den 2den November 1883, houdende vaststelling van nieuwe reglementen op het geneeskundig onderzoek omtrent de geschiktheid voor den dienst bij de Zee- en Landmacht.

WIJ WILLEM III, BIJ DE GRATIE GODS, KONING DER NEDERLANDEN, PRINS VAN ORANJE-NASSAU, GROOT-HERTOG VAN LUXEMBURG, ENZ., ENZ., ENZ.

Op de gemeenschappelijke voordragt van Onze Ministers van Oorlog, van Marine en van Binnenlandsche Zaken, van 5 September 1883;

Gezien Ons besluit van 3 Maart 1871 (Staatsblad no. 9), houdende vaststelling van een nieuw reglement op het geneeskundig onderzoek omtrent de geschiktheid voor den dienst bij de Zee- en Landmacht;

Gezien mede Ons besluit van 10 Maart 1878 (Staatsblad no. 16) en van 7 April 1881 (Staatsblad no. 47), tot wijziging van gemeld reglement;

Overwegende, dat het noodzakelijk is, nieuwe regelen te stellen voor het geneeskundig onderzoek, boven bedoeld;

Den Raad van State gehoord (advies van 16 October 1883, no. 18);

Gelet op het nader gemeenschappelijk rapport van Onze Ministers voornoemd, van 20 October 1883, Kabinet, litt. B 53, 23 October 1883, litt. B, no. 1, en 30 October 1883, no. 1385, afdeeling Militie en SChutterijen;

Hebben goedgevonden en verstaan:

1°. met intrekking van voorschreven gewijzigd reglement, ten opzichte van het geneeskundig onderzoek omtrent de geschiktheid voor den dienst bij de Zee- en Landmacht vast te stellen de drie bij Ons tegenwoordig besluit gevoegde reglementen, als:

A. het reglement op het geneeskundig onderzoek omtrent de geschiktheid voor den krijgsdienst van hen, die tot vrijwilligen dienst bij Zee- of Landmacht wenschen te worden toegelaten, en van hen die daarbij vrijwillig dienen;

B. het reglement op het geneeskundig onderzoek omtrent de geschiktheid voor den krijgsdienst van militieplichtigen en van hen die als vrijwilliger, plaatsvervanger of nummerverwisselaar bij de militie wenschen te worden toegelaten of als zoodanig zijn ingelijfd;

C. het reglement op het geneeskundig onderzoek omtrent de geschiktheid voor den dienst der Schutterijen;

2°. te bepalen:

Artikel 1.

Voorschreven sub 1o. bedoelde reglementen zullen, ten aanzien van het geneeskundig onderzoek van militaire geëmployeerden en ten opzichte van dat van vrijwilligers voor den kolonialen militairen dienst, alleen in zooverre toepasselijk zijn, als dit door Ons bij besluit nader zal worden bepaald.

Wij behouden Ons voor omtrent dat onderzoek zoodanige andere voorschriften te geven, als Wij zullen noodig oordeelen.

Artikel 2.

Omtrent het middel tot opheffing van het accomodatievermogen, omtrent de letters en figuren, bij het onderzoek van de gezichtsscherpte te bezigen, alsmede omtrent de proeven voor het bepalen van den kleurenzin, worden door Ons voorschriften gegeven.

Onze ministers van Oorlog, van Marine en van Binnenlandsche Zaken zijn, ieder voor zooveel hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit, dat, met de daarbij behoorende reglementen, in het Staatsblad zal worden geplaatst, en waarvan afschrift zal worden gezonden aan Onzen Minister van Koloniën en aan den Raad van State.

Het Loo, den 2den November 1883.

WILLEM

De Minister van Oorlog,
WEITZEL.
De Minister van Marine,
F. L. GEERLING
De Minister van Binnenlandsche Zaken,
HEEMSKERK

Uitgegeven den dertienden December 1883
De Minister van Justitie,
DU TOUR VAN BELLINCHAVE



Bron:

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1883, 01-01-1883. Geraadpleegd op Delpher op 19-12-2017.
Direct naar Staatsblad 151 met het betreffende Koninklijk besluit.



Deze pagina is voor het laatst gewijzigd op: 27 December 2017.